Het Marecollege, een Vrije School, onderscheidt zich op een aantal punten van reguliere scholen. Deze punten zullen hieronder kort worden besproken. Voor meer informatie kunt u klikken op de bijbehorende links.
Hoofd, hart, handen
Het Marecollege bereidt de leerlingen niet alleen voor op het centraal examen, maar biedt haar leerlingen - om later goed te kunnen functioneren in de maatschappij - een brede opleiding: niet alleen een cognitieve (hoofd), maar ook een persoonlijk-sociale (hart) en creatief-ambachtelijke (handen). Naast de reguliere cognitieve vakken volgen alle leerlingen euritmie/dans, toneel, tekenen en handvaardigheid. Daarnaast krijgen zij tijdens het periodeonderwijs modules met verdiepingsstof. Doordat er aandacht is voor het individu, is er veel ruimte voor persoonlijke ontwikkeling.
Aandacht voor het individu
Het Marecollege is een kleine school (427 leerlingen), met klassen van meestal rond 24 leerlingen. Hierdoor is er voor de leerlingen meer aandacht. Bovendien kennen de leerlingen en docenten elkaar beter. Leerlingen krijgen in hun rapport niet alleen cijfers, maar ook persoonlijke teksten van al hun docenten over hun inzet, werkhouding en ontwikkeling in de vorm van een LVS (leerlingenvolgsysteem). Leerlingen kunnen hierover van gedachte wisselen met hun docenten tijdens tafeltjesmiddagen. Docenten nemen in de wekelijkse pedagogische vergadering de tijd om individuele leerlingen te bespreken, eventueel tijdens een uitgebreidere bespreking. (kinderbespreking).
Aandacht voor de groep
Om groepsvorming te bevorderen blijven leerlingen van het Marecollege zo lang mogelijk in dezelfde groep, liefst van klas 1 tot en met 6. In klas 1 en 2 krijgen de leerlingen de meeste vakken van dezelfde docent, de klassendocent, om zo de overgang van basisschool naar bovenbouw makkelijker te overbruggen. In klas 3 krijgen de leerlingen twee mentoren (indien mogelijk een man en een vrouw) die hen blijven begeleiden tot en met klas 6 (voor de vmbo-ers tot en met 4).